3D BAG · open data
Warmteverliesberekening voor jouw woning
Eén adres in, en het pand komt uit de landelijke 3D BAG: bouwlagen, geveloppervlak per windrichting, warmteverlies bij ontwerpcondities en zonopbrengst per dakvlak. Alles rekent op dezelfde geometrie, dus je kunt eronder aan de maatregelen draaien en het meteen zien meebewegen.
3D-model
Sleep om te draaien · scroll om te zoomen · klik een vlak aan
Elk pand wordt los uit de 3D BAG gehaald. De grove massa blijft staan tot het echte model er is.
Alles nog op aannames uit bouwjaar . door jou opgegeven, de rest op aannames uit bouwjaar .
·
Stap van
Vraag 1 van 8
Hoe goed is het dak geïsoleerd?
Van binnenuit, tussen of onder de dakplaat.
Deze keuze vult de waarde in waarmee gerekend wordt . Ken je de echte waarde, dan vul je die bij de isolatiestap in; die gaat dan vóór deze keuze. Sla je hem over, dan blijft de aanname op bouwjaar staan.
Vraag 2 van 8
En de gevel of spouwmuur?
Een gevulde spouw of buitenisolatie is “goed”; een originele spouw uit de jaren zestig is “geen”.
Deze keuze vult de waarde in waarmee gerekend wordt . Ken je de echte waarde, dan vul je die bij de isolatiestap in; die gaat dan vóór deze keuze. Sla je hem over, dan blijft de aanname op bouwjaar staan.
Vraag 3 van 8
Wat zit er onder de begane grond?
Een onverwarmde kruipruimte lekt veel warmte, een verwarmde kelder bijna niets. Het gaat om de hele vloer, dus het scheelt fors.
Vraag 4 van 8
En is die vloer geïsoleerd?
Een onverwarmde kruipruimte zonder vloerisolatie staat op “geen”.
Deze keuze vult de waarde in waarmee gerekend wordt . Ken je de echte waarde, dan vul je die bij de isolatiestap in; die gaat dan vóór deze keuze. Sla je hem over, dan blijft de aanname op bouwjaar staan.
Vraag 5 van 8
Wat voor glas zit er in?
Zit er verschillend glas in, kies dan wat er in de meeste ramen zit. Per gevel en per bouwlaag kan het later precies.
Deze keuze vult de waarde in waarmee gerekend wordt . Ken je de echte waarde, dan vul je die bij de isolatiestap in; die gaat dan vóór deze keuze. Sla je hem over, dan blijft de aanname op bouwjaar staan.
Vraag 6 van 8
Hoe wordt er geventileerd?
Warmteterugwinning haalt de warmte uit de afvoerlucht en scheelt daarmee direct in het verlies.
Vraag 7 van 8
Waarmee wordt er nu gestookt?
Heb je al een warmtepomp, dan is dat de huidige situatie en geen maatregel die nog winst oplevert.
Vraag 8 van 8
Hoeveel mensen wonen er?
Alleen voor het warme tapwater, en dat is ongeveer een vijfde van de warmte die er per jaar in gaat. Zonder opgave rekent de tool met een gezin van drie.
Ontbreekt er een aanbouw of dakkapel?
Kijk links of het model klopt. Mist er iets, voeg het hier toe met zijn maten.
Waarom mist er iets?
Het 3D-model is gemaakt uit luchtfoto's van één moment. Een aanbouw die er later bij kwam staat er niet in, en een kleine dakkapel wordt soms niet herkend. Wat je toevoegt telt mee in het oppervlak, het volume en het warmteverlies.
Een aanbouw haalt het stuk gevel erachter uit de buitenschil en zet er nieuwe vlakken voor terug; een dakkapel doet hetzelfde met het dakvlak. Daarom kan het benodigde vermogen zowel omhoog als omlaag gaan: er komt oppervlak bij, maar de gevel erachter verliest geen warmte meer naar buiten.
Constructiedikte
Verandert het warmteverlies niet: daar telt alleen de Rc. Deze maten bepalen de wanddikte in het 3D-model en in het IFC-bestand.
Een opgegeven waarde is geen maatregel: hij verbetert de beschrijving van het huis zoals het nu is. De maatregelen verderop rekenen daar vanaf, dus een gevel die al nageïsoleerd is levert geen besparing meer op met na-isoleren.
Ken je de maten? Vul je eigen vertrekken in
Alleen als je de maten kent. Anders sla je deze stap over: de standaardindeling rekent gewoon door.
Wat kan ik hier veranderen?
De bouwlagen komen uit de 3D BAG en staan vast. Binnen een laag mag je zelf indelen: wat je niet verdeelt blijft als restpost staan en wordt gewoon meegerekend, dus je hoeft niet het hele huis in één keer op te geven.
Vul óf een oppervlak, óf een lengte en breedte in; staan er maten, dan gaan die voor. Laat je de hoogte leeg, dan gebruikt de berekening de nettohoogte van de bouwlaag. Zonder temperatuur geldt de ontwerpwaarde van 20 graden, en bij een verkeersruimte rekent hij met een kleiner deel van de schil.
Ramen, deuren en dakramen
Kies hieronder een gevel of dakvlak, of klik er een aan in het 3D-model.
Waarmee rekent hij als je niets invult?
In de BAG zit geen enkel raam en geen enkele deur. Vul je niets in, dan rekent de schil met 18% glas over de gevels, verdeeld naar voor-, achter- en kopgevel, en met een dichte kap. Meet je ze op, dan rekent dat vlak met jouw maat en staat er bij de uitkomst dat het uit een opgave komt.
De vlakken van je eigen aanbouw of dakkapel staan hier ook tussen: een raam in de voorkant van een dakkapel of in een aanbouwgevel gaat net zo.
Een dakraam volgt zonder eigen U-waarde het glas van de woning, zodat een maatregel als HR++ hem meeneemt; wie zijn glas vervangt doet de dakramen er in de praktijk bij. Panelen worden om een dakraam heen gelegd, dus het maximum op dat dakvlak zakt. Laat je de U-waarde van een deur leeg, dan rekent hij met 3,4 W/m²K voor een deur van voor 1992 en 2,0 daarna, de grens waarop het Bouwbesluit een eis aan het deurblad ging stellen. Zonder eigen post verdwijnt een voordeur in de gevel en wordt hij met de Rc van de muur gerekend, wat het verlies van die twee vierkante meter met een factor vijf tot tien onderschat.
Kies eerst een gevel of dakvlak
Klik een vlak aan in het 3D-model of kies er een uit de lijst hieronder. Daarna zet je hier per bouwlaag de ramen, de deuren en de dakramen in, met hun maten en desnoods hun eigen U-waarde.
De maat en het aantal zijn van jou; waar ze precies in het vlak komen te staan is een indeling van ons. Voor het warmteverlies telt alleen het oppervlak.
Wat gebeurt er als…
Toegepast:
Wat het per jaar door de meter scheelt
Het benodigde vermogen hierboven is de koudste dag. Dit is het jaar, en hier zie je pas wat een andere warmtebron doet.
Van gas naar stroom.
·
De uitkomst
Wat je keuzes schelen: op de koudste dag , van naar .
Hieronder staat de onderbouwing: het vermogen per post, de bouwlagen, elk vertrek apart, wat een ventilatie-unit moet leveren, de dakvlakken met hun zonopbrengst en de maatregelen op volgorde van rendement. Een ventilatie-unit hoort hier te kunnen leveren.
Meenemen
Het rapport bevat de uitgangspunten, de opbouw van het vermogen, alle vertrekken en de schil vlak voor vlak. In het controlebestand staat per vlak welke U-waarde, welk oppervlak en welke temperatuurfactor is gebruikt, zodat elk getal na te rekenen is.
Wat dit niet is
·
Warmteverlies bij ontwerpcondities
Bouwlagen
Gevelvlakken geklipt op de hoogteband van elke laag. De som is per constructie het hele pand.
| Laag | Hoogte | Vloer | Volume | Gevel | Dak | Gevel per richting |
|---|---|---|---|---|---|---|
Niet één getal voor het hele huis, maar per vertrek
De bouwlagen komen exact uit de geometrie; de verdeling in vertrekken is een standaardindeling voor een woning van dit type, want de BAG bevat geen binnenwanden. Elk vertrek heeft zijn eigen ontwerptemperatuur, en dat verklaart waarom de som hieronder niet gelijk is aan het pandtotaal: een hal op 15 graden verliest minder dan diezelfde ruimte op 20. Hieronder kun je de indeling zelf opgeven.
Ventilatie: wat een installatie moet leveren
Dit is niet het ventilatieverlies hierboven. Dat rekent met de luchtwisseling die er nu ís, kierverlies en al. Dit is wat een systeem moet kúnnen leveren, en dat is het getal waarop je een unit met warmteterugwinning kiest.
De unit volgt de grootste van toevoer en afvoer en niet de som: het is dezelfde lucht die rondgaat. Een verkeersruimte, zolder of berging heeft geen eigen eis; gebruik je de zolder als kamer, geef hem dan hierboven als vertrek op en dan telt hij mee. Er gaat nu meer door de woning dan de eis vraagt: dat verschil is kierverlies, en dat verdwijnt zodra de woning luchtdichter wordt gemaakt.
Zonopbrengst per dakvlak
Op de werkelijke hoek en richting uit de 3D BAG, niet op de aanname dat het dak op zuid ligt.
| Richting | Helling | Oppervlak | Max vermogen | Opbrengst |
|---|---|---|---|---|
Waarmee haal je het snelste resultaat
| Stap | Investering | Besparing per jaar | Terugverdientijd |
|---|---|---|---|
Let op de volgorde.
Energielabel uit het register
Wat wij zelf berekenen
Indicatief, op de geometrie uit de 3D BAG. Geen letter.
Wat deze berekening doet
De uitkomst is het vermogen dat je woning op de koudste dag nodig heeft: het transmissieverlies door gevels, dak en vloer, plus het ventilatieverlies, plus een opwarmtoeslag. Gerekend bij 20 graden binnen en −10 graden buiten. Je krijgt het in kilowatt en in watt per vierkante meter, en per vlak staat erbij welke U-waarde, welk oppervlak en welke temperatuurfactor gebruikt zijn. Dat laatste is het controlebestand: elk getal is na te rekenen.
Waar de maten vandaan komen
Uit de 3D BAG van de TU Delft, op detailniveau LOD 2.2. Dat is een landelijke reconstructie van elk pand uit luchtfoto's en de hoogtekaart, met per vlak de oriëntatie en de helling. Het gebruiksoppervlak komt uit de BAG, de bouwlagen volgen uit de pandhoogte. De som van de laagvolumes is gelijk aan het pandvolume, en dat staat zichtbaar in de uitkomst: klopt die som niet, dan hoort de rest ook niet vertrouwd te worden.
Waar de isolatiewaarden vandaan komen
Die zijn forfaitair op bouwjaar en niet gemeten. Een woning uit 1986 krijgt de Rc-waarden die in dat jaar gangbaar waren. Is er sindsdien geïsoleerd, dan valt de echte uitkomst lager uit dan wat hier staat. Het geregistreerde energielabel staat er daarom naast: wijkt dat sterk af van deze berekening, dan is dat het signaal dat er aan de woning gewerkt is.
Ramen, deuren en dakramen
In de BAG zit geen enkel raam en geen enkele deur. Zonder opgave rekent de schil met 18 procent glas over de gevels en een dichte kap. Meet je ze op, dan kun je per gevel en per verdieping het aantal en de maat invullen, en rekent dat vlak met jouw maat. Een buitendeur krijgt een eigen U-waarde, want een deurblad onder de Rc van de muur rekenen onderschat het verlies van die twee vierkante meter met een factor vijf tot tien.
Niet één getal voor het hele huis, maar per vertrek
Een warmteverliesberekening die op één getal voor de hele woning uitkomt, zegt niets over de radiator die je in de slaapkamer nodig hebt. De bouwlagen komen exact uit de geometrie: de som van de laagvolumes is het pandvolume. Binnen een laag wordt verdeeld naar een programma van vertrekken, elk met zijn eigen ontwerptemperatuur. Een hal op 15 graden verliest minder dan diezelfde ruimte op 20, en daarom is de som van de vertrekken niet gelijk aan het pandtotaal. Dat is geen rekenfout maar het gevolg van verschillende temperaturen; zet je alle vertrekken op dezelfde temperatuur, dan vallen de twee sommen exact samen.
De indeling zelf is een aanname, want de BAG bevat geen binnenwanden. Ken je je eigen woning, dan kun je de vertrekken zelf opgeven met naam, oppervlak of lengte maal breedte, en een hoogte. Wat je niet verdeelt blijft als restpost staan en wordt gewoon meegerekend, dus je hoeft niet het hele huis in één keer op te geven om een betrouwbare uitkomst te houden.
Wat de uitkomst betekent voor een warmtepomp
De grens die installateurs aanhouden voor lage-temperatuurafgifte op 35 graden ligt rond de 50 watt per vierkante meter. Zit je daaronder, dan kan een warmtepomp met vloerverwarming of lage-temperatuurradiatoren de woning warm houden. Zit je erboven, dan is isoleren of een grotere afgifte eerst aan de orde. Die grens staat per vertrek in de uitkomst, niet alleen voor het hele huis: één slecht geïsoleerde uitbouw kan de rest van de woning geschikt laten zijn.
Wat levert isoleren op
Acht maatregelen worden op dezelfde geometrie doorgerekend: spouwmuur na-isoleren, gevel na-isoleren, dakisolatie, vloerisolatie, HR++ glas, triple glas, balansventilatie met warmteterugwinning, en de ketel eruit met een warmtepomp erin. Per stap zie je de van-naar-waarde, het effect in watt en in procenten, en een bandbreedte voor de investering met de terugverdientijd erbij.
Belangrijker dan de losse besparingen is de volgorde. Maatregelen zijn niet bij elkaar op te tellen: isoleer je eerst het dak, dan levert de gevel daarna minder op dan hij los zou doen, want een deel van hetzelfde verlies is al weg. De berekening houdt dat cumulatief bij en zet de losse besparing ernaast, zodat te zien is welke stap méér waard is in combinatie dan alleen.
Waarom spouwmuurisolatie niet bij elk bouwjaar kan
Een spouw vullen kan alleen als er een spouw is. Woningen van voor ongeveer 1920 zijn doorgaans in massief steen gebouwd, en vanaf begin jaren tachtig werd de spouw al bij de bouw geïsoleerd. Daarom wordt deze maatregel alleen aangeboden bij een bouwjaar tussen 1920 en 1982; daarbuiten verdwijnt hij uit de lijst in plaats van een besparing te beloven die er niet is.
Dakvlakken: oppervlak, richting en hoeveel panelen erop passen
Elk dakvlak komt met zijn eigen oppervlak in vierkante meters, zijn azimut en zijn hellingshoek uit de 3D BAG. Dat is genoeg om te bepalen hoeveel zonnepanelen er werkelijk op passen: niet met een oppervlaktefractie, maar met een echte indeling in rijen en kolommen op de afmetingen van dat vlak. Dat verschil is groot. Op een dakvlak van 5,6 m langs de nok passen vijf panelen van 0,99 m naast elkaar maar vier van 1,13 m, en dat scheelt een vijfde van de opbrengst.
Een dakkapel of een schoorsteen wordt daarbij ontzien: die staat als eigen volume op het dakvlak, en er worden geen panelen onder gelegd. Dakramen die je zelf opgeeft blokkeren hun plek ook. De opbrengst is gerekend op 950 kWh per kWp bij optimale stand, gecorrigeerd voor de werkelijke richting en helling van dat vlak.
Van warmteverlies naar gasverbruik en kosten
Het vermogen op de koudste dag is niet wat je op je rekening ziet. Voor het jaar wordt de graaddagenmethode gebruikt met 2.800 graaddagen, plus 2.400 kWh voor warm tapwater. Bij een gasketel wordt gerekend met 9,77 kWh per kubieke meter aardgas en een ketelrendement van 95 procent; bij een warmtepomp met een SCOP van 4,0 voor lage-temperatuurafgifte, 3,0 voor hoge temperatuur en 2,6 voor tapwater.
De tarieven staan op peildatum juli 2026: 1,30 euro per kubieke meter gas en 0,30 euro per kilowattuur stroom. Die staan er altijd bij, want een bedrag zonder peildatum is over een jaar onbruikbaar. Bij een overstap van ketel naar warmtepomp krijg je beide kanten apart: hoeveel kubieke meter gas vervalt en hoeveel kilowattuur stroom erbij komt. Dat zijn verschillende eenheden en die worden niet als één besparing gepresenteerd.
Meenemen naar je eigen installateur
Het model is te downloaden als IFC4-bestand: een open standaard die elk bouwkundig en installatietechnisch pakket kan inlezen. Elk vlak komt daarin als element mee, met het oppervlak, de oriëntatie, de helling en de aangenomen dikte in een eigen eigenschappenset. Daarnaast is er de volledige uitkomst als JSON, met per vlak de U-waarde, het oppervlak en de temperatuurfactor waarmee gerekend is.
Dat is het punt van deze tool: niet het rekenen kost de uren, maar het opzetten van het model. Wie er beroepsmatig mee werkt, heeft in twintig seconden de geometrie, de gevels per oriëntatie, de vertrekken en de condities staan, en zet daar zijn eigen waarden en zijn eigen naam onder.
Wat dit niet is
Dit is geen NTA 8800-berekening en levert geen energielabel. Het is ook geen vervanging van een opname ter plaatse: de isolatiewaarden zijn een aanname op bouwjaar, de vertrekindeling is een aanname omdat de BAG geen binnenwanden bevat, en de geometrie is een reconstructie en geen inmeting. Wat het wél is: een controleerbaar vertrekpunt dat in twintig seconden staat, met elk uitgangspunt zichtbaar erbij, om mee naar een installateur te nemen.